Columns, Dagelijkse dingen, Vakantie

Vakantiepret: Italië toeristisch bekeken (deel V)

Na alle stress rondom wegwerkzaamheden, boilers en wel- en niet-werkend water, waren we vooral naar Italië gekomen om te genieten. Dat betekent dus gewoon het bezichtigen van stadjes, musea en andere – vanuit oudheidkundig oogpunt – interessante overblijfselen. En natuurlijk het welverdiende luieren in en rondom het Zweedse chalet en zwembad.

In Florence was dus nog wel water…

Het eerste wat mij opviel, was het aantal fietsende Italianen. Toen ik in 2002 in Toscane verbleef, kan ik mij niet herinneren er zoveel te hebben gezien. Bij fietsende Italianen moet je niet denken aan ons gebruik van de fiets. Nee, er is sprake van een tweetal fietsmethodes.

De eerste wordt vooral toegepast in de steden en dorpjes. Het dient om van a naar b te komen zonder daarbij gehinderd te worden door het verkeersreglement. De fietsen zijn ook allemaal van hetzelfde model: klein, donker gekleurd, breed stuur, al dan niet hand- of voetgeremd. Men beweegt zich voornamelijk slingerend voort.

De tweede methode is een ietwat doorgeslagen hobby. Vind ik dan. Het is een tafereel dat lijkt op een slapstick-movie: je ziet een bord dat aangeeft dat er een stijging van 10% aan zit te komen en hoopt ondertussen dat je auto het niet halverwege begeeft. Dan – ineens – valt je oog op een veelkleurig fenomeen dat zich nauwelijks voort lijkt te bewegen, maar dit toch doet. Wanneer je dichterbij komt zie je dat het gaat om een mens, in wielerkleding en dito fiets, die zich krampachtig inzet om a) met enige souplesse de berg te bedwingen, b) niet om te vallen en c) niet van achteren aangereden te worden door een van de vele motorgestuurde voertuigen.

20121028-161354.jpg

Het plein bij Galleria degli Uffizi. Alleen de mimespelers worden gedoogd.

Een ander fenomeen vindt plaats in Florence, om precies te zijn ter hoogte van de ingang van Galleria degli Uffizi. De mooie gallerij aan de buitenzijde wordt al jaren bevolkt door toeristen en marktlui. Er is van alles te krijgen: tassen, zonnebrillen, tekeningen, kaarten, noem maar op. Maar het mag niet.

De al dan niet illegalen staan daar dus illegaal hun waar te verkopen. En dat leidt tot een schouwspel dat ik geweldig vind. De carabinieri komt met twee man sterk, de marktlui pakken hun boeltje in en gaan drie meter verderop staan. De carabinieri loopt weg en de marktlui gaan weer verder met hun handelswaar. De carabinieri komt toch weer terug en het verhaal herhaalt zich weer.

Wil je afgezet worden als je een kop cappuccino en een brioche gaat eten? Dan moet je naar Pisa, naar de muur die het Piazza dei Miracoli scheidt van de minder bedeelde wijk. Ook hier marktlui – dit keer gedoogd, want ze hebben echte kraampjes – en een belachelijk duur café-restaurant.

Wil je echter niet afgezet worden? Ga dan naar Volterra. De weg ernaar toe zorgt voor de nodige braakneigingen in verband met de haarspeldbochten, maar eenmaal aangekomen gaat die kop koffie en brioche er wel in. Ga dan naar de Martini Bar in de V. Giacomo Matteotti. Zo goedkoop krijg je het in Nederland niet eens.

En: doe als iedere toerist die maar twee weken per jaar de mogelijkheid heeft om op vakantie te kunnen: bekijk de toeristische trekpleisters. Dan heb je die in ieder geval gezien. Zo hoef je nooit meer het verhaal van je buurman aan te horen over hoe mooi of leuk iets was. Dat bepaal je nu gewoon zelf.

Heb je langer de tijd? Ga dan lekker rondreizen en doe wat je thuis ook zou doen. Gegarandeerd dat je dan bepaalde culturele aspecten onder de knie krijgt. Wat mezelf betreft: mijn autorijkunsten hebben een nieuwe -Italiaanse- impuls gekregen. Dus wees gewaarschuwd!

Lees ook:
Vakantiepret: deel I
Vakantiepret: deel II
Vakantiepret: deel III
Vakantiepret: Italië en water (deel IV)