Meest recente berichten

Sprookjes bestaan niet

Gisteren had ik een déjà vu. En ik denk dat ik niet de enige ben geweest. De twee-eenheid “Rutte/Samsom” liet weer eens van zich horen. Riep Mark Rutte in het voorjaar nog dat we toch echt ‘die nieuwe auto of dat huis moesten gaan kopen’, gisteren deed Diederik Samsom daar een schepje bovenop. Volgens hem moet het kabinet ervoor zorgen dat de ‘mensen verleid worden om geld uit te geven’.

Voor de liefhebber: op nieuws.nl kun je meer lezen over de beoogde verleidingstactiek van Samsom.

Niet alleen burgers zijn het doelwit van Samsom, ook grote bedrijven waaronder pensioenfondsen, beleggers en woningcoöperaties krijgen eenzelfde verzoek. Alleen zo zal de economie weer aantrekken. Leuke ideeën, maar mag ik zeggen dat ik het als gewone burger niet meer begrijp?

De werkloosheid blijft stijgen, kleine ondernemers hebben het zwaar en gaan failliet, baanzekerheid bestaat niet meer, leningen worden niet meer verstrekt (logisch, want wie kan die lening in de toekomst nog terugbetalen?) en begin je nu aan een opleiding, dan weet je niet of je daar in de toekomst nog wel werk in zult vinden. In de eigen, directe omgeving zie je dat het ene na het andere bedrijf stunt met prijzen om een week later weer het dubbele te vragen. Huizen staan jaren te koop, ondertussen steeds meer in waarde dalend. Ieder plan en ieder akkoord blijft dus voor onrust zorgen, zowel onder de bevolking als binnen de diverse branches. Niemand wordt ontzien.

Ondertussen steggelt het kabinet ook nog eens over zes miljard extra bezuinigingen. Of zou het toch zeven miljard moeten zijn? En dan durft Samsom het woord ‘verleiden’ in de mond te nemen?

Verleiden in economische zin gaat niet samen met ondoorzichtige plannen, onvolledige akkoorden en gedoe. Verleiden is niet het openen van een trukendoos. Denk aan het vrijgeven van het spaarloon. Dat had nauwelijks effect op de economie. Natuurlijk betaalden mensen er hun schulden (gedeeltelijk) mee af en werden noodzakelijke producten aangeschaft. Maar wat overbleef, belandde gewoon weer op de spaarrekening.

Het lijkt erop dat Samsom in sprookjes gelooft. Alleen valt de economie niet te redden met magie en fantasie. Wel met concrete, heldere en goed doorberekende maatregelen. Daarom raad ik politiek Den Haag aan om “De nieuwe kleren van de keizer” te lezen. En onthoud: sprookjes bestaan niet.

Ongenuanceerde reclame

TV-reclames. Ik zie ze wel, maar ook weer niet. Er is echter een reclame waarvan mijn haren iedere keer weer rechtovereind gaan staan.

Je kent ze wel, die reclames waarin producten wonderen verrichten. Diepzwarte schimmelranden worden met een simpele spray omgetoverd tot hagelwitte voegen. Een volledig verkalkte badkamer? Geen nood, hier is dé anti-kalkspray. En heb je last van gele tanden? Whitening tandpasta in overvloed. Binnen twee weken heb je weer de kleur van een kunstgebit. Soms vind ik ze grappig, soms totaal niet. Meestal heb ik er geen mening over.

Anders is het met de reclame van Advil Liquid Caps 400. Ongenuanceerd, dat vind ik ervan. Advil promoot het medicijn als volgt (of klik hier voor de volledige reclamespot):

“Migraine is geen griep.
Want migraine is een ondraaglijke hoofdpijn.

Daarom is er Advil Liquid Caps 400.
Werkt twee keer sneller dan een normale ibuprofen tablet.
Advil. Sterker dan pijn”

Dat migraine geen griep is, lijkt me duidelijk. Maar daarna gaat het volledig mis. Migraine is geen ondraaglijke hoofdpijn. Migraine is een chronische hersenaandoening waarvan die ondraaglijke hoofdpijn één van de symptomen is.

Meer informatie over migraine kun je vinden op de website van de Nederlandse Vereniging van Hoofdpijnpatiënten.

Een NSAID, de medicijngroep waartoe Advil behoort, remt de pijnprikkel. Wat dat betreft heeft Advil natuurlijk gelijk als het zegt “sterker dan pijn” te zijn. En daar is dan alles mee gezegd. De hoofdpijn bij migraine betekent namelijk dat je op het hoogtepunt (of beter gezegd: het dieptepunt) van de aanval zit. Dat je waarschijnlijk al dagen beroerd bent of uitermate geïrriteerd om niets, honger als een paard hebt en het liefst ter plekke in slaap wilt vallen, daar kan Advil hélémaal niets aan doen. En dan heb ik het nog niet eens over het krijgen van een aura: sterretjes en vlekken voor je ogen, spraakstoornissen en andere uitval. Daar werkt geen enkele tablet tegen.

Migraine in woorden

Migraine in woorden.

Het probleem met een NSAID is dat het de ene keer wel werkt bij pijn, maar een volgende keer niet. Heb je er geen baat bij, dan kun je nog overstappen op triptanen. Dit zijn specifieke anti-migrainemiddelen en dus bedoeld voor het onderdrukken of afweren van een migraineaanval. Ook dit zijn middelen die soms wel en soms niet werken.

Het grootste probleem van deze reclame is dat het lijkt alsof Advil hét wondermiddel tegen migraine is. Je neemt het in en je bent verlost van de migraine. Was het maar waar.
Daarnaast draagt deze reclame niet bij aan het maatschappelijk besef dat migraine geen hoofdpijntje is dat met een simpel tabletje is te genezen. Migraine kan heel belastend en ingrijpend zijn in het dagelijks leven. Advil kan beter promoten dat hun product een onderdeel zou kunnen zijn van de behandeling van migraine. Dus als mogelijkheid in plaats van wondermiddel.

Gelukkig bepaal je uiteindelijk zelf of iets werkt of niet. Daar kan geen reclame tegenop. En dat is maar goed ook.

IJstijd

“Kijk ik nu naar buiten, dan zie ik dikke druppels op het raam, een diep grijze lucht en de wind door de bomen. Maar het meest opvallende is dat alles koud is. Buiten is het koud, binnen is het koud en bovenal: ik heb het koud, steenkoud.”

Vorig jaar – 6 juni 2012 om precies te zijn – schreef ik bovenstaande tekst in mijn column Winter in juniEen week geleden had ik nog kunnen volstaan met het knippen en plakken van die column. Gelukkig is dat nu niet meer nodig. Maar wat is het koud geweest de afgelopen maand!

Begin mei leek het extreem koude lenteweer voorbij te zijn. Het was meivakantie, de zon scheen en de temperatuur liep op. Heerlijk. Dat het de natuur ook goed deed, was te zien aan de tuin. Die was een explosie van groen, knopjes en bloemen. Maar na zeven mooie dagen sloeg het weer om. De tuin verstilde. Nederland besloot om toch maar de winterjas aan te houden.

En dan krijg je het bizarre tafereel dat je in mei naast iemand staat die een dikke gewatteerde winterjas aan heeft. En een sjaal om. Zelf sta je te rillen in je dunne zomerjasje, je afvragend waarom je in hemelsnaam die winterjas al hebt gewassen en opgeborgen. Zelfkastijding heet dat toch?

Barometer (photo by Elliot Brown (ell brown), Flickr.com)

Barometer boven een pub in Moseley, Birmingham (Engeland). Foto via Flickr.com: Elliot Brown (ell brown).

Terwijl Nederland het koud had en Frankrijk de skipistes opnieuw opende, had Noorwegen een extreem warme en natte lente. In Zuid-Noorwegen spoelde je weg. In het noorden en midden van het land was het op sommige plaatsen juist tropisch warm. In de regio Finnmark werd het 30,5ºC. Ook in de buurlanden was het goed toeven.

Straalstroom is de luchtstroom op grote hoogte die verantwoordelijk is voor de sturing van stormen en de regeling van het weer op het noordelijk halfrond.

Het koude lenteweer bij ons zou zijn veroorzaakt door een sterke toename van smeltend poolijs, zo schreef de Volkskrant al in maart van dit jaar. Door het smelten van het poolijs warmen de oceanen en de atmosfeer op. Door die opwarming wordt de straalstroom omgekeerd en dringt koude lucht vanuit Noord-Europa veel dieper door naar het zuiden.

Russische wetenschappers voorspellen trouwens een nieuwe ijstijd. Zo rond 2030. Dat baseren zij op aanwezigheid van bewijs dat de aarde zal gaan afkoelen. Bewijs dat de aarde blijft opwarmen, is er volgens hen niet.
Volgens een ander onderzoek, gepubliceerd in Nature Geoscience, zou die ijstijd al ingezet moeten zijn. Dat dit nog niet gebeurd is, zou juist komen door de opwarming van de aarde. Door het broeikaseffect komt er meer CO2 in de lucht en dat houdt een nieuwe ijstijd tegen.

Niets is dus zo veranderlijk als het weer.


Meer over het weer in Noorwegen kun je lezen op de website van de Vereniging voor Weerkunde en Klimatologie.
In zowel de NRC  als de Volkskrant en het AD wordt gesproken over een nieuwe ijstijd, maar vanuit verschillende invalshoeken.

Wordt het Kråkskär of toch Åfjärden?

Eindelijk is mijn IKEA-manie weer aangewakkerd. Zomaar. Slechts één muisklik was ervoor nodig. En die bracht me niet naar de website van het bedrijf. Nee, het is nog veel leuker: die ene klik bracht me naar de website IKEA på Svenska. Oftewel IKEA in het Zweeds.

IKEA in het Zweeds

Leer Zweeds met de producten van IKEA
op IKEA på Svenska.

Gekke titel natuurlijk. IKEA ís Zweeds. Ook hier in Nederland. De namen van hun producten zijn gebaseerd op Zweedse dorpen en steden, provinciën en jongens- en meisjesnamen. Ze gaan dus echt niet voor de Nederlandse markt hun stoel Ystad veranderen in – bijvoorbeeld – Doodstil. Trouwens, ik zou een stoel met zo’n naam niet eens kopen.

Het bedrijf is in 1943 opgericht door Ingvar Kamprad (geboren in 1926 in Småland, Zuid-Zweden). De bedrijfsnaam die hij kiest is een combinatie van zijn initialen (I K) en de eerste letters van de boerderij en het dorp waar hij is opgegroeid: Elmtaryd en Agunnaryd. Zweedser kan het niet.

In 1979 opent het woonwalhalla zijn eerste vestiging in Nederland. Sliedrecht was uitverkoren en daar is mijn IKEA-manie ontstaan. Opgegroeid op nog geen kwartier autorijden van deze plaats, kwam mijn eerste meisjeskamer – in roze met wit – bij de Zweedse meubelmaker vandaan. Inmiddels is de vestiging ter ziele: het aantal vierkante meters kon niet meer opboksen tegen de grotere vestigingen in de rest van het land. Nu zit er Loods 5, ook een woonwinkel.

“So learn how Swedes pronounce them and stop sounding ridiculous.”

Maar goed, terug naar IKEA på Svenska. Waarom zo’n titel voor een op-en-top Zweeds bedrijf? Het antwoord zit al in de vraag: juist omdat alles Zweeds is, levert het uitspreken van al die namen soms dubieuze én hilarische situaties op. De makers van de website – een vriendengroep van vijf waarvan er slechts twee daadwerkelijk Zweeds zijn – willen dat veranderen. Op IKEA på Svenska vind je afbeeldingen van de producten met hun bijbehorende naam en een audio-opname. Zo kun je de juiste uitspraak oefenen.

Best leuk om te weten dat de <skä> in kråkskär een soort ch-klank is zoals in “lachen”. En de <å> in åfjärden gewoon uitgesproken wordt als de <o> in ons woord “of”. Dat het om een simpele kraan en een handdoek gaat, dat vergeet je ter plekke.
Of het zal helpen om hilarische situaties te voorkomen, betwijfel ik. Het Nederlandse personeel in de IKEA-vestigingen zal je waarschijnlijk aanstaren alsof je net van Mars bent gekomen.


Mijn allereerste column, geschreven in 2005, ging over mijn IKEA-manie. Je kunt hem hier lezen.
Meer informatie over de geschiedenis van IKEA kun je vinden op de website van het bedrijf en op Wikipedia.

Emancipatie

Een verhaal over onafhankelijkheid

“Vrouwen teren nog te vaak op de zak van hun echtgenoot.” Met die uitspraak heeft Jet Bussemaker, minister voor Cultuur, Onderwijs en Wetenschap, de gemoederen de afgelopen week behoorlijk hoog laten oplopen.

Haar pleidooi was dan ook ongenuanceerd: vrouwen moeten werken en het opvoeden van de kinderen beter verdelen, want afhankelijk zijn past niet bij een geëmancipeerde vrouw. En kies je ervoor thuis te blijven, dan zou een vrouw zich schuldig moeten voelen over het feit dat de overheid geld in haar heeft geïnvesteerd (door het meebetalen aan haar opleiding). Bussemaker deed haar uitspraak vanuit de gedachte dat de emancipatie in Nederland nog niet afgerond is.

Wat mij betreft heeft emancipatie te maken met het recht om als vrouw eigen keuzes te mogen maken. Keuzes die niet opgedrongen worden door een ander. Dus ook niet door een minister. Je beslist zelf of je thuis blijft om voor de kinderen te zorgen. Of dat je juist fulltime blijft werken. Of dat je er iets tussenin zoekt. Of dat je samen met je partner alles verdeelt. En in die keuzemogelijkheid moet geen sprake zijn van goed of slecht.

Afgelopen woensdag was de uitzending van Debat op 2 (15 mei 2013) gewijd aan dit vraagstuk. Een aantal sprekers verzandde in zwart-wit denken. Vooral de vrouwen (en man) die vonden dat je alleen geëmancipeerd bent als je fulltime werkt, alles zelf hebt geregeld rondom de zorg voor je gezin, kwamen nogal eens kortzichtig uit de hoek. Aan de andere kant stonden de vrouwen die ervoor kiezen om thuis te zijn, hetzij volledig, hetzij gedeeltelijk. Zij leken zich continue voor die keuze te moeten en willen verdedigen.

De vraag of het terecht is dat thuisblijfmoeders of parttime werkende vrouwen zich schuldig moeten voelen dat de overheid zoveel geld in hen geïnvesteerd heeft, zou niet eens gesteld mogen worden.
Een opleiding is vormend. De kennis en kunde die je ermee opdoet, kun je op vele manieren toegankelijk maken voor de samenleving: in een betaalde baan, in vrijwilligerswerk én in het opvoeden van je kinderen. Welke keuze iemand ook maakt, er is geen verkeerde keuze.

Op de website van Trouw kun je het volledige pleidooi van Jet Bussemaker lezen.

Ten slotte is de stelling van Bussemaker dat “veel gehuwde, niet-werkende vrouwen zich niet lijken te realiseren dat, als het inkomen van hun man wegvalt, het gezin niets heeft om op terug te vallen” verwerpelijk. Wat moeten al die eenoudergezinnen wel niet denken over zo’n tactloze opmerking?

De discussie die Bussemaker trachtte te starten is – wat mij betreft – volledig mislukt. Dat een vrouw veel sterker staat wanneer ze financieel onafhankelijk is van wie dan ook, mag duidelijk zijn. Maar dat verhaal geldt net zo goed voor mannen. Het etiket ‘vrouwenemancipatie’ had hier nooit opgeplakt mogen worden.

Stel alleen het probleem centraal: meer economische onafhankelijkheid voor iedereen. En kom met mogelijkheden om die te bewerkstelligen. Want laten we wel zijn: bezuinigen op kinderopvang – om maar iets te noemen – staat economische onafhankelijkheid juist in de weg.

En dan nog – zoals een deelneemster aan het debat terecht opmerkte: “Zekerheid heb je nooit.”

Fantasie

Soms is je fantasie gebruiken best leuk als je in een andere omgeving bent. Niets is dan wat het lijkt. Zo waren mijn man en ik onlangs in Limburg. Mooie provincie. Het doet een beetje buitenlands aan. Zodra je de Randstad achter je laat, verandert het landschap. Meer groen, glooiender, een beetje België, Frankrijk en Duitsland ineen. Een bijzonder geschikte provincie dus om je fantasie te gebruiken.

En die is vooral nodig als je met je autootje dwars door de akkers en het bos rijdt, omdat je op de doorgaande weg een wegafsluiting bent tegengekomen. Navigatiesystemen doen dan meestal niet wat ze behoren te doen, namelijk een goede alternatieve route zoeken. Al stofwolken creërend, scootmobielen ontwijkend en uitwijkend voor tractoren hebben we ons in het Limburgse landschap gestort.

Omdat Limburg in mijn ogen on-Nederlands overkomt, let ik vaak op dingen waar ik in de Randstad nooit naar kijk. Zo waren we in Posterholt. Een dorpje op de grens met Duitsland. Niet groot, maar ook weer niet zo klein dat je eruit rijdt voordat je überhaupt beseft dat je er net binnengereden bent. Het leek voor randstedelijke begrippen wel een bouwplaats. Overal werd geklust én overal stonden huizen te koop. Verder was het uitgestorven.

De Donk in Posterholt, Limburg.

Een overzicht van boerderij De Donk in Posterholt.

Maar eenmaal omgeven door een geur die nog het meest deed denken aan een combinatie van een te lang liggende mestvaalt, verkoold hout en iets dat ver over de houdbaarheidsdatum heen is, kreeg ik een oude boerderij in de gaten. Een bouwval. Of met een mooier woord: een ruïne. Het had iets weg van een oude vervallen boerderij op het Franse platteland. Het enige afwijkende was die lucht. Een mestvaalt lag onaangeroerd op het terrein. De ramen waren gedicht met planken. Delen van het dak waren weg. Het had iets lugubers.

Wat zou daar toch gebeurd zijn? Is er misschien brand geweest? Zijn er boerderijdieren omgekomen? Is de eigenaar verdwenen? Is het inmiddels een illegale vuilnisbelt?

Aangezien ik altijd alles wil weten, ben ik begonnen met Google maps. De satellietfoto uit 2009 toonde de boerderij in volle glorie. Alsof de ruïne uit de as verrezen was. De bijbehorende foto’s van de street view lieten echter weer een bouwval zien.

Boerderij De Donk in Posterholt, Limburg

Dit is boerderij De Donk in 1980.
(foto: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

Na verder zoeken, blijkt de ruïne gedocumenteerd te zijn door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Het is – of was – een monument met een naam: De Donk. Een boerderij, zoals je deze in dit deel van Limburg vroeger veel zag. De beschikbare foto’s van het monument zijn gemaakt in 1934 en in 1980. Niet echt up-to-date, zeg maar.

In mijn zoektocht ben ik veel meer te weten gekomen over Posterholt. Er is een heuse website over het dorp én een Facebookpagina. Allebei vol met foto’s van vroeger en nu. Dat ik niet veel wijzer geworden ben over wat er gebeurd is met de boerderij (en waarom het daar zo gruwelijk stinkt), zorgt ervoor dat ik nog wel een tijdje verder blijf fantaseren.

Ingezonden brief – 2

Beste Majesteit,

Nog een paar nachtjes slapen en dan is het zover. Kijkt u er al naar uit? Voelt u zich als een kind dat wacht op Sinterklaas? Ik begrijp het wel. Nog even en u kunt uw haren los gooien. Wat een heerlijk gevoel zal dat zijn.

Toch vraag ik me af of u afgelopen woensdag – in de auto terug naar huis – niet een klein traantje hebt gelaten. U had immers net uw allerlaatste werkbezoek als koningin afgerond. U opende de replica van uw eigen huiskamer: de Oranjezaal. Was u er eigenlijk tevreden mee? Eerlijk zeggen hoor, als het toch niet helemaal is geworden wat u ervan had verwacht. Dat hebben wij – uw onderdanen – ook gedaan met ‘de W van wakker, stamppot eten‘.

Want wat een vertoning was dat, vond u niet? Je zou bijna geen koning meer willen worden. Lex en Max hebben het goed aangepakt door te zeggen dat ze hopen ‘mooi te worden toegezongen‘. Alleen ben ik bang dat zelfs mooi zingen niet gaat lukken. Het bewijs daarvoor leverde Eberhard van der Laan – u weet wel: burgemeester van Amsterdam – bij de Wereld Draait Door. Hij werd gedwongen het Koningslied te zingen. De woorden kreeg hij bijna niet over zijn lippen. En vies dat hij erbij keek. Heel begrijpelijk. Ik heb de tekst gelezen, het lied gehoord en direct daarna de petitie getekend. Het was vrésélijk!

Goed, nu even terug naar u. Het viel me op dat u zo ontspannen was tijdens uw laatste werkbezoek. Nog meer zelfs dan tijdens uw aankondiging van aftreden. U kwam met pretogen en u ging met pretogen, zeg maar. Vooral toen u de auto instapte en nog even olijk uit het raam wuifde. Dacht u toen aan al die mensen die u samen met Lex en Max al meer dan een jaar in het ootje hebt genomen? Het was – vind ik – het beste toneelspel van het afgelopen jaar. Terwijl Lex, zo zei hij in Het Interview, zich toch echt zo nu en dan bijna versprak. Zelfs die goeiige Mark wist van niets. En hij dacht nog zo op één lijn te zitten met uw zoon. Dat alleen al is een giller.

Het ziet er trouwens naar uit dat uw eigen afscheidsfeestje niet helemaal zonder slag of stoot gaat verlopen. De eerste rel is al een feit: de belangrijkste en heiligste dag in het jodendom – Jom Kipoer – valt samen met uw afscheid. En dat terwijl uw feestcomité “alle Nederlanders in gezamenlijkheid de kans [wil geven] de huidige vorstin te bedanken.” Dat gaat dus al niet meer lukken.

Neem daarom het heft in eigen hand. U bent niet voor niets 33 jaar koningin geweest. Nu bent u nog op tijd om aan te geven dat u niet gediend bent van slechte toneelstukjes, belachelijke quizzen of ander onheil producerend gedoe. En stel een dresscode in. Dan zijn we gelijk verlost van die rare oranje kleding, waarbij je niet meer ziet wat nu de voor- of achterkant is.

Met hoogachting,

B. Bonheur
Wassenaar


Als je het aandurft, beluister dan het officiële Koningslied. Of beluister de alternatieve versie: “Mijn naam is Willie“.
Op de website van het feestcomité kun je meer lezen over het afscheidsfeestje voor koningin Beatrix.